Verbeter uw melt flow tests met slimmere extrusieplastometers
De ontwikkeling van normen en steeds hogere eisen aan de precisie hebben de aanpak van melt flow index tests veranderd. De wijzigingen in de norm ASTM D1238:2023 zijn hier een goed voorbeeld van, en sturen aan op meer flexibiliteit en automatisering waardoor even geavanceerde meettoestellen nodig zijn.
Een van de belangrijkste wijzigingen in de norm is de formele toelating krachtgestuurde extrusieplastometers te gebruiken. Deze systemen oefenen de testlast uit via een aandrijving met een gekalibreerde krachtmeetcel, hebben een nauwkeurigheid en herhaalbaarheid van ±0.5% en voldoen dus aan de vereisten uit de norm ASTM E4. Deze wijziging verbetert niet enkel de meetnauwkeurigheid, maar vereenvoudigt de bediening in het lab doordat niet telkens dode gewichten gewisseld moeten worden. Wat de nieuwste generatie extrusieplastometers echter werkelijk onderscheidt, is hun intelligente werking tijdens de voorverwarmfase, een kritische stap die vaak de nauwkeurigheid van de hele test bepaalt.
Slimmer voorverwarmen, betere resultaten
Het conventioneel testen van de melt flow index was telkens een balans vinden tussen:
- Het inschatten van de correcte hoeveelheid materiaal
- Het voorprogrammeren van zuigerbewegingen
- De test starten binnen een nauw kader vastgelegd door de norm (tijd en zuigerpositie)
De nieuwe benadering verandert dit. Moderne krachtgestuurde extrusieplastometers zoals de ZwickRoell Aflow hebben een adaptieve sturing tijdens de voorverwarmfase. In plaats van te vertrouwen op statistische waarden, regelt het toestel dynamisch de zuigerbeweging in functie van de actuele materiaalvloei en het vulniveau. Of het materiaal nu een melt flow rate (MFR) heeft van 0,4 g/10 min of 50 g/10 min: het systeem verzekert dat de zuiger veilig en automatisch aankomt bij de correcte startpositie.
De grafiek toont hoe het toestel werkt tijdens de verschillende fasen - controlemetingen, purgeren met constante snelheid en gestuurde zuigerbeweging - om de meetzone te bereiken. De responsiviteit zorgt voor conformiteit met de norm zonder dat de operator moet tussenkomen of inschattingen maken.
Geen tests vooraf. Geen inschattingen. Enkel precisie.
Een verdere sleutelfunctie is de automatische parametersturing (APC). Net voor het bereiken van de startzone, voert de extrusieplastometer een korte meting uit om de optimale zuigerslag te bepalen, ¼ inch of 1 inch. Op die manier zijn geen tests vooraf nodig en is elke test zowel conform aan de norm als geoptimaliseerd voor nauwkeurigheid.
Dit type automatisering is een doorbraak. Er hoeven geen manuele inschattingen meer gemaakt te worden, er is geen risico op incorrecte testsequenties en er gaat geen materiaal verloren. Voor laboratoria die werken met meerdere polymeergrades en testmethoden (A, B, C of D) betekent dit een significante tijdswinst en een verbeterde reproduceerbaarheid.
Ontworpen voor de realiteit van het laboratorium
Naast de technische specificaties onderscheidt deze extrusieplastometer zich vooral door hoe hij omgaat met de dagelijkse uitdagingen in een melt flow index laboratorium. Elk detail is ontworpen voor efficiëntie en herhaalbaarheid, van de zelfcentrerende trechter voor makkelijk vullen tot compacteren of schoonmaken met een druk op de knop, tot de variabele belastingsselectie van 0,325 kg tot 50 kg.
In een wereld waar precisie, traceerbaarheid en volume niet onderhandelbaar zijn, is een extrusieplastometer die zich aanpast aan uw materiaal - in plaats van omgekeerd - geen overbodige luxe. Het is een noodzaak.
